Doelplanner

Wat houd je netto over na je werk?

Reken uit hoeveel belasting je in 2026 betaalt over je AOW, je pensioen en je vermogen, en wat er per maand overblijft. Met ouderenkorting, Zvw-bijdrage en box 3.

Rekenvoorbeeld

Situatie

Heb jij in 2026 de AOW-leeftijd?
En je partner?

Inkomen per jaar, bruto

Bruto jaarbedragen, inclusief vakantiegeld. Je pensioen staat op mijnpensioenoverzicht.nl of je jaaropgaaf.

Jij
Je partner

Vermogen op 1 januari 2026 samen

Groene beleggingen en werkelijk rendement

Werkelijk rendement: rente, dividend, huur en koersstijging over het hele jaar, ook als je niets verkocht.

Eigen woning samen

Verdeling in de aangifte

Box 3 en de eigen woning mogen jullie in de aangifte vrij verdelen.

Netto per maand –
Belasting en Zvw per jaar–
Van €1.000 extra pensioen houd je–

Waar gaat je bruto inkomen heen?

Per jaar, jullie samen. Box 3 betaal je over je vermogen, maar het gaat wel van je besteedbare geld af.

Box 3: belasting over je vermogen

Werkelijk rendement

Nieuw stelsel (wetsvoorstel, vanaf 2028)

Goed om te weten

    De volledige berekening

    Is je inkomen na je werk genoeg?

    De planner rekent je AOW, pensioen en vermogen door in 2.000 mogelijke toekomsten, tot je 95e.

    Open de planner

    Hoe rekent de belastingscan?

    De scan gebruikt de tarieven en kortingen van 2026. Na de AOW-leeftijd is het tarief in de eerste schijf lager (17,85% tot €38.883 in plaats van 35,75%), omdat je geen AOW-premie meer betaalt. Daarboven geldt 37,56% tot €78.426 en 49,5% over de rest.

    Kortingen na de AOW-leeftijd

    Zvw-bijdrage

    Over AOW en pensioen betaal je 4,85% inkomensafhankelijke bijdrage voor de Zorgverzekeringswet, tot een inkomen van €79.409. De uitkeringsinstantie houdt die in. Over loon betaalt je werkgever de bijdrage.

    Box 3

    Box 3 rekent met een vast rendement: 1,28% op spaargeld (voorlopig), 6% op beleggingen en ander bezit, en 2,7% aftrek voor schulden boven €3.800. Over het deel van je vermogen boven €59.357 per persoon betaal je 36% over dat rendement. Is je werkelijke rendement lager, dan kun je met de opgaaf werkelijk rendement over dat lagere bedrag belasting betalen; het heffingsvrij vermogen vervalt dan. Groene beleggingen zijn vrijgesteld tot €26.715 per persoon.

    Vanaf 2028 wil het kabinet belasten op het werkelijke rendement. De Tweede Kamer nam dat voorstel in februari 2026 aan, de Eerste Kamer nog niet. De vergelijking hierboven is daarom een doorkijk, geen zekerheid.

    Wat de scan niet meeneemt

    Toeslagen, giften, zorgkosten en andere persoonsgebonden aftrek, de inkomensafhankelijke combinatiekorting, en de heffingskorting voor groene beleggingen. Bereik je de AOW-leeftijd in de loop van het jaar, dan rekent de scan toch met een heel jaar. De uitkomst is een schatting; je echte aanslag kan afwijken.

    Nagekeken op 25 oktober 2026. Rekenhulp, geen fiscaal advies. Bronnen: Belastingdienst, Rijksoverheid, SVB, Staatscourant (Zvw 2026).